project

BRON-water: Bepalen en Rapporteren van de Omgevingsimpact van de Nederlandse watersector

We ontwikkelen binnen het project BRON-water een wetenschappelijk onderbouwde methodiek en rekentool voor het kwantificeren van de milieu-impact van drinkwaterbedrijven. Daarbij zorgen we ervoor dat kennisontwikkeling, kennisuitwisseling en besluitvorming benodigd voor het onderhouden van die methodiek worden belegd in bestaande of nieuwe overlegstructuren. Parallel verkennen we in samenwerking met de waterschappen de kansen en mogelijkheden voor een milieu-impactanalyse methodiek ‘van bron tot bron’ voor de gehele watersector.

Aanleiding, belang en urgentie voor de sector

Aanleiding en belang voor drinkwaterbedrijven
In 2022 kondigde de EU de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD) aan. Hoewel de meeste drinkwaterbedrijven inmiddels niet meer CSRD-plichtig zijn, willen ze vanuit hun eigen duurzaamheidsambities doorgaan met het kwantificeren en rapporteren van hun milieu-impact in lijn met de CSRD-thema’s. Daarnaast vragen CSRD-plichtige klanten soms om de milieu-impact van drinkwaterbedrijven, waardoor deze informatie indirect alsnog nodig is.

De ambities van de drinkwaterbedrijven en de CSRD-verplichtingen bieden een opportuun moment om een collectieve methodiek te ontwikkelen voor milieu-impact kwantificatie én de toepassing daarvan te verankeren in de sector. Op korte termijn voorkomen we daarmee dat ieder drinkwaterbedrijf het wiel zelf moet uitvinden. Op langere termijn – wanneer de collectieve aanpak eenmaal ontwikkeld en geïntegreerd is in de sector – biedt dit een kader voor:

  • Het gezamenlijk oppakken van wijzigingen in wetgeving en wetenschappelijke inzichten;
  • Het identificeren van kennisvragen en het aansturen van onderzoek;
  • Inzicht in milieuprestaties op sectoraal niveau;
  • Sectorale benchmarking, vergelijkbaar met broeikasgasemissies in de driejaarlijkse Vewin-prestatievergelijking.

Momenteel word al voorgeschreven hoe drinkwaterbedrijven de uitstoot van broeikasgassen van hun bedrijfsvoering moeten berekenen. Dit is vastgelegd in Praktijkcode 11 (PCD11). Echter beslaat PCD11 daarmee slechts een deel van de totale milieu-impact die de drinkwatersector veroorzaakt. In het voorgestelde project willen we daarom toewerken naar een bredere milieu-impactanalyse waarbij ook andere soorten milieu-impact – denk aan materiaalverbruik en biodiversiteit – worden meegenomen. Dit zou ook in lijn zijn met de CSRD. De stip op de horizon bij dit project is om de ontwikkelde methodiek uiteindelijk samen te voegen met de PCD11 of er een aanvullende praktijkcode van te maken. Deze ambitie is tevens uitgesproken door de PCD11 werkgroep.

Aanleiding en belang voor waterschappen
De ontwikkelingen bij waterschappen en drinkwaterbedrijven lopen momenteel apart van elkaar, elk met eigen inhoudelijke aandachtspunten, andere werkmethodes en in verschillend tempo. Verbinding tussen de drinkwaterbedrijven enerzijds en de waterschappen anderzijds op het gebied van duurzaamheidsrapportage is wenselijk. Dit biedt namelijk kansen voor kennisdeling en wellicht mogelijkheden voor wederzijdse benutting of aansluiting op elkaars methodieken. Bij een volwassen methodiek zou dit zelfs mogelijk maken om de milieu-impact van de watersector in zijn geheel ‘van bron tot bron’ in kaart te brengen.

In BRON-water, een project van het WiCE programma, willen we in samenwerking met de waterschappen een eerste stap zetten richting complementaire methodieken voor milieu-impactanalyses en duurzaamheidsrapportages in de watersector. Daarvoor is vanuit de waterschappen de wens uitgesproken om (in eerste instantie) de methodiek voor het analyseren van de milieu-impact van waterzuiveringseffluent verder te ontwikkelen. Effluentkwaliteit wordt namelijk niet standaard meegenomen in milieu-impactanalyses die momenteel worden gebruikt in de sector. Op dit onderwerp heeft KWR al eerder samen- gewerkt met de waterschappen en dus al enige kennis opgebouwd (Van den Brand et al., 2025).

Beoogd resultaat, opbrengsten en impact

De drinkwaterbedrijven (en de sector) krijgen:

  • Een wetenschappelijk onderbouwde methode en rekentool om hun individuele milieu-impact te bepalen, in aansluiting op de huidige werkmethode en beheersstructuur van PCD 11 en de CSRD-thema’s. Tijdens het project wordt gewerkt aan verankering van de methode in de sector.
  • Inzicht in de milieu-impact van de sector, en de belangrijkste aspecten die de milieu-impact van de sector bepalen. Indien tijdens de looptijd van het project de drinkwaterbedrijven de methode en rekentool eenduidig toepassen en de resultaten delen met KWR, dan kunnen we het inzicht van de sector als geheel presenteren.
  • Kansen voor benchmarking (indien gewenst), breder dan alleen CO2-uitstoot zoals momenteel gebeurt.

De waterschappen krijgen:

  • Een verdere uitwerking van de recent ontwikkelde methode voor het bepalen van de milieu-impact van waterzuiverings-effluent

De watersector beschikt over:

  • Gemeenschappelijke kennisbasis over kwantificatie van milieu-impact, inzicht in kansen en mogelijkheden om toe te werken naar een methode voor impact-analyse ‘van bron tot bron’.
  • Op basis hiervan wordt het in de toekomst mogelijk om een integraal beeld te schetsen van de milieu-impact van water in de verschillende stappen van haar cyclus.

De impact van het project BRON-water zit in de toepassing van de methode en de rekentool. Dit levert bedrijven concrete informatie op, die kan helpen om milieu-impact doelgericht te reduceren. Bijvoorbeeld een nulmeting van de totale milieu-impact, welke materiaalstromen binnen de organisatie de grootste milieu-impact veroorzaken en wat de effecten zouden zijn van beoogde verduurzamingsmaatregelen op de totale milieu-impact.