Artikel

“Verkennend Onderzoek bevat dé onderwerpen van de toekomst”

Interview met Geertje Pronk, programmamanager VO

Dagelijks werkt KWR-programmamanager Geertje Pronk aan het Verkennend Onderzoek (VO). Doel van een VO? Ontwikkelingen signaleren en experimenteren, zodat drinkwaterbedrijven tijdig kunnen nadenken over strategische maatregelen voor de toekomst. Pronk legt verder uit wat een VO is, wie er betrokken zijn en vertelt over aansprekende voorbeelden.

“Het VO is een onderdeel binnen het Bedrijfstakonderzoek. Het richt zich op onderwerpen die over vijf à tien jaar relevant kunnen worden voor drinkwaterbedrijven. Een VO-project is daarom innovatief, maar ook onzeker. In een VO kijken we naar nieuwe ontwikkelingen die nog niet gesignaleerd zijn door drinkwaterbedrijven. Binnen het BTO kennen we de thematische onderzoeken, zoals Bronnen, Distributie of Hydroinformatica. Het verschil met thematische BTO-projecten? We kunnen meer risico’s nemen en nieuwe onderwerpen of technologieën uitproberen. De komende tijd willen we werken aan meer zichtbaarheid van het VO; daarom ook deze nieuwsbrief. We willen met waterbedrijven in contact komen, delen wat we zien en van hen horen wat mogelijk interessant is.”

Horizon scanning

“Onderwerpen zoeken we met behulp van ‘horizon scanning’, een methode om opkomende technologieën en toekomstige ontwikkelingen te signaleren. Deze signalen kunnen overal vandaan komen. Denk aan de werkvloer van drinkwaterbedrijven, vakliteratuur, trendwatchers en wetenschappelijke congressen. Tijdens het signaleren proberen we zoveel mogelijk dimensies mee te nemen, zoals economische, ecologische en demografische aspecten. Hier schrijven we trendalerts over. Op basis hiervan leveren onze thema coördinatoren VO-project suggesties aan die in hun ogen belangrijk zijn.”

“De stuurgroep VO selecteert vervolgens de meest relevante onderwerpen en bepaalt de definitieve VO’s. In deze groep zit een toekomstverkenner, programmamanager, de chief scientific officers (CSO) en een MT-lid van KWR – zij kijken vanuit hun eigen perspectief mee. Zelf kijk ik met mijn programmamanagement-bril. Wat heeft een programma nodig? Wat past goed bij wat we verder doen? Op welke onderwerpen loopt al wat? Waar is behoefte aan vernieuwing? Met die integrale blik proberen we meerdere disciplines aan te raken.”

Bodemvocht meten

“Een mooi technisch voorbeeld is het project Droogtemonitoring, waar een combinatie ontstond tussen verschillende disciplines. KWR-techneut Martin Korevaar sleutelt als hobby thuis aan elektronica. Hij bedacht een sensor die klanten van Brabant Water zelf in hun tuin konden zetten om bodemvocht te meten om daarmee te bepalen of ze hun gazon moesten sproeien. Het idee was om klanten bewuster te maken van waterbesparing. Onze data scientist bouwde een digitaal platform, waarin de klant een sproeiadvies kreeg.”

“Aan dit onderzoek werkten ook sociale wetenschappers mee. Zij concludeerden dat de sproeiadviezen werden opgevolgd en dat mensen bewuster naar hun eigen sproeigedrag gingen kijken. Dit soort benaderingen kunnen een waardevolle bijdrage leveren om tijdens droge periodes water te besparen en piekbelasting bij waterbedrijven te voorkomen.”

Casestudie met deep learning

“Daarnaast wil ik het onderzoek Deep Explorations noemen. Deep learning is een term die je vaak voorbij hoort komen en die we graag wilden duiden. Wat kan je daar nou mee? Wat is de potentie? In een casestudie keken we waar veel data beschikbaar was en waar het interessant kon zijn. Zo kwamen we uit op de identificatie van microplastics in drinkwater. Deep learning hielp daarbij om analyses uit te werken van spectrografische foto’s. Het is ongelooflijk veel werk als je die informatie handmatig moet verwerken. Algoritmen hielpen om te filteren en identificeerden de microplastics. Dit was een meer technisch en wetenschappelijk gericht VO waaruit ook wetenschappelijke publicaties zijn gekomen.”

“Droogtemonitoring en Deep Explorations  zijn mooie voorbeelden van onderzoeken waar een vervolg in zit. Soms zetten we vervolgprojecten in of ontwikkelen we onderzoekslijnen op basis van een VO – daar streven we wel naar. Maar in een VO kunnen we risico’s nemen, dus het is ook mogelijk dat er geen opvolging in een onderwerp zit; dat is ook oké en betekent niet dat het niet succesvol was.”

Onderbouwde manier van verkennen

“Met het VO hebben we een werkwijze gevonden waarmee we op een goed onderbouwde en systematische manier nieuwe ontwikkelingen kunnen verkennen en duiden voor de watersector. Daar willen we graag mee verder. Er komen heel veel ontwikkelingen op ons af. In het VO willen we bijdragen aan oplossingen en anticiperen op toekomstige ontwikkelingen.”

delen