Column

Nieuws

Een moreel kompas voor het rioolwateronderzoek naar drugsgebruik

Meer dan de helft van de Nederlanders vindt dat er concessies aan de privacy van burgers gedaan mogen worden als daarmee het coronavirus bestreden kan worden. Dat betekent dat je telefoon je locatie continue doorgeeft en centraal wordt geanalyseerd bij wie je in de buurt bent geweest; Big Brother zit in je eigen broekzak. Kies je voor je privacy of het maatschappelijk belang?

Analoog aan onze digitale sporen laat iedereen ook chemische sporen achter in zijn of haar omgeving. Wanneer je het rioolwater van een stad bestudeert kunnen je veel leren over de inwoners. Rioolwater is de spiegel van de samenleving. Het bevat bijvoorbeeld informatie over het vóórkomen van ziekten zoals fragmenten van het coronavirus of de aanwezigheid van antibioticaresistentie in een bepaald gebied. Tevens kan het iets vertellen over het gebruik en toepassing van huishoudelijke chemicaliën zoals wasmiddelen, ontsmettingsmiddelen, persoonlijke verzorgingsproducten of cosmetica en waarschijnlijk is het meten van het gebruik van illegale drugs in rioolwater je niet ontgaan. Rioolwater is een schijnbaar onuitputtelijke bron van informatie voor experts van diverse disciplines zoals chemici, ingenieurs, farmacologen, sociologen, medici, epidemiologen, statistici en data analisten. Maar hoe gaan we met deze informatie om?

Rioolwateronderzoek voor het meten van drugsgebruik

De drugs die we gebruiken laten hun sporen na in ons afvalwater. Dit biedt de mogelijkheid de omvang en trends van gebruik per dorp stad of regio in kaart te brengen. Een prachtig instrument om de het gebruik van illegale drugs op z’n merites te beoordelen, én te toetsen of lokaal of nationaal drugsbeleid leidt tot veranderingen in gebruik. Drugsgebruik is omgeven met schaamte en geheimzinnigheid. Daarom rijst net als bij het monitoren van ons gedrag op internet de vraag of Big Brother ook in ons afvoerputje zit.

Er is echter één belangrijk verschil. In tegenstelling tot onze activiteiten op het internet gaat ons afvalwater niet vergezeld van een IP-adres of persoonsgegevens. Het afvalwater mengt met het afvalwater van vele anderen. Dat betekent dat het rioolwateronderzoek onze individuele privacy niet schaadt zolang niet de afvoerpijp van individuele woningen of gebouwen worden onderzocht. Om de privacy van individuen te beschermen en robuuste resultaten te genereren heeft de internationale rioolwateronderzoekgemeenschap (het SCORE netwerk) voorgesteld om afvalwater van gemeenschappen kleiner dan 10.000 inwoners niet afzonderlijk te rapporteren.

De privacy van individuen wordt echter ook niet geschaad als gemeenschappen kleiner dan 10.000 inwoners worden gerapporteerd. Bovendien hebben deze middelen grote impact op de gezondheid en sociaal economische positie van mensen, waardoor juist meer gedetailleerde geografische spreiding en temporele variatie in gebruik waardevol kan zijn voor overheden, en maatschappelijke organisaties. Degelijke informatie kan echter leiden tot stigmatisering, ongeacht de grootte van de gemeenschap. Dit zagen we jaren geleden bij de publicatie van het relatief hoog cocaïnegebruik in Volendam. Juist omdat drugsgebruik een precair onderwerp is voor individuen én gemeenschappen blijft dit een dilemma voor de rioolwateronderzoeker.

Rioolwater is de spiegel van de samenleving. Zo kunnen we bijvoorbeeld het drugsgebruik per regio, gemeente of wijk in kaart brengen. Maar hoe bepaal je wat je wél en níet onderzoekt. Morele vragen over het onderzoek naar rioolwater van jou en mij.

Rioolwateronderzoek voor de publieke zaak

In het rioolwateronderzoek naar drugsgebruik dienen we niet alleen de omvang van de bestudeerde gemeenschap, maar ook de toepassing van de informatie mee te wegen. Kleinere gemeenschappen kunnen worden bestudeerd zolang de privacy van individuen niet in het geding komt én de informatie een publiek belang dient. Bijvoorbeeld onderzoek voor overheidsorganisaties die zich bezig houden met volksgezondheid, preventie of de juridische aspecten (ondermijning) van drugsgebruik en de daaraan gerelateerde productie verwerking en handel.

Zolang het onderzoek geen publiek maar een commercieel belang dient zal ik daar als onderzoeker in principe (en uit principe) niet aan mee werken. Als onderzoeker bij KWR, met drinkwaterbedrijven als aandeelhouders, en bij de Universiteit van Amsterdam dien ik het maatschappelijk belang. Dát is juist voor het onderzoek naar rioolwater, waar de waarde voor en het waardeoordeel van de maatschappij dicht bij elkaar liggen, mijn morele kompas.