Jaarbeeld 2022

Maatschappelijke watervragen oplossen vanuit een levendige samenwerking

KWR en TU Delft ondertekenen strategische samenwerkingsovereenkomst

Met het tekenen van een strategische samenwerkingsovereenkomst onderstrepen KWR en de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen van de TU Delft het belang van hoogwaardig onderwijs en onderzoek voor het realiseren van een duurzame integrale watercyclus. ‘Hiermee leggen we een goede basis voor continuïteit in gezamenlijke kennisontwikkeling rond maatschappelijke watervragen’, zegt Luuk Rietveld, hoogleraar Urban Water Cycle Technology aan TU Delft. ‘En voor het opleiden van een nieuwe generatie die tegen zulke uitdagingen is opgewassen.’

Onlangs zetten Dragan Savić, directeur van KWR, en Jan Dirk Jansen, decaan Faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen TU Delft, hun handtekening onder de strategische samenwerkingsovereenkomst ‘Onderwijs en onderzoek voor de watersector’ (2022-2026). Het is een voortzetting en verdieping van een eerder samenwerkingsverband dat in 2015 van start ging. ‘In de afgelopen jaren is een mooie synergie ontstaan tussen onze beide instituten’, vindt Luuk Rietveld. ‘Vanuit KWR heeft bijvoorbeeld een aantal onderzoekers een deeltijdaanstelling aan onze universiteit. En we begeleiden samen promovendi. We trekken gezamenlijk op in projecten, zo heeft onze samenwerking al behoorlijk wat impact gehad.’

Meerwaarde

Het grote kennisnetwerk van KWR rond de waterbedrijven in binnen- en buitenland is interessant voor studenten van TU Delft, vindt Rietveld. ‘Zo ervaren zij wat leeft in de praktijk. Daarnaast is KWR goed op de hoogte van de problematiek in de watersector. Als technische universiteit werken wij graag samen met zulke partners, zij helpen ons maatschappelijke issues te adresseren. Wanneer wij een oplossing voor een vraagstuk denken te hebben, zit KWR dichter bij de markt dan de universiteit. Met hen samen kunnen we de stap richting valorisatie van ons onderzoek zetten. Zo komen we tot innovaties waar deze tijd om vraagt.’ Andersom biedt de samenwerking ook voor KWR een duidelijke meerwaarde. Ruud Bartholomeus, Chief Science Officer bij KWR, licht toe. ‘Bij TU Delft zit een ander type kennis dan bij ons. Het is meer fundamenteel van aard. Door samen te werken houden we continu verbinding met de meest actuele wetenschappelijke kennis. Daarnaast betekent een formele samenwerking dat je elkaar steeds beter leert kennen. Je bent op natuurlijke wijze in overleg, dat versterkt het begrip voor elkaars werk. Wanneer zich nieuwe kansen voordoen, weet je de ander gemakkelijker te vinden.’

“Door samen te werken houden we continu verbinding met de meest actuele wetenschappelijke kennis.”

Maatschappelijke thema’s

De nieuwe samenwerkingsovereenkomst noemt concreet vijf thema’s waarop het gezamenlijk onderzoek van KWR en TU Delft zich gaat richten: (1) water en gezondheid; (2) energietransitie en ondergrondse warmteopslag; (3) stedelijke waterinfrastructuur en hydroinformatica; (4) microbiële waterkwaliteit en (5) opkomende stoffen. Gevraagd naar het meest kansrijke thema uit deze reeks, noemen zowel Bartholomeus als Rietveld als eerste de energietransitie. Op dit onderwerp bestaat al een solide samenwerking tussen KWR en TU Delft, onder meer met de projecten WarmingUP en WINDOW. En met de toekenning van een NWO-subsidie begin vorig jaar, zijn onderzoekers van beide organisaties gezamenlijk aan het werk om een proof-of-concept op te stellen van het bodemenergie-tripletsysteem: een veelbelovende techniek om zonder warmtepomp met alternatieve duurzame technieken gebouwen te kunnen koelen en verwarmen. Dit betekent een aanzienlijke besparing in het energieverbruik. Maar ook andere thema’s, zoals de waterinfrastructuur en een veilige drinkwaterkwaliteit, scoren hoog. ‘Eigenlijk vind ik ze allemaal even kansrijk’, zegt Rietveld. ‘Ze zijn maatschappelijk relevant en er kleven grote wetenschappelijke uitdagingen aan. We kunnen best aan alle thema’s tegelijk werken. Daarnaast kunnen we de reeks nog gemakkelijk uitbreiden, denk bijvoorbeeld aan de droogteproblematiek. Vanuit de techniek is het buitengewoon interessant om oplossingen voor deze watervraagstukken te vinden.’

Figuur 1. Schematische weergave van een bodemenergie-tripletsysteem zonder warmtepomp

Figuur 1. Schematische weergave van een bodemenergie-tripletsysteem zonder warmtepomp

Overkoepelende werkgroep

Behalve het concretiseren van de onderzoeksthema’s, onderscheidt de nieuwe samenwerkingsovereenkomst zich van de vorige door het instellen van een overkoepelende werkgroep. In een eerder stadium waren initiatieven vooral gekoppeld aan onderzoekers met een dubbele aanstelling. ‘Nu moet de werkgroep ervoor zorgen dat de contactpersonen van de verschillende thema’s regelmatig worden bevraagd’, legt Bartholomeus uit. ‘Welke projecten lopen er? Welke input kun je leveren voor het jaarplan? Kun je duiden welke maatschappelijke vragen er spelen? Met de werkgroep wordt de samenwerking levend gehouden. Dan gaat het tussen de oren van de onderzoekers zitten.’ Ook Rietveld onderschrijft deze belangrijke functie van de werkgroep. ‘Het gaat erom de continuïteit op instituutsniveau te waarborgen.’

Inspirerend voorbeeld

Uiteraard betekent de samenwerkingsovereenkomst tussen KWR en TU Delft niet dat sprake is van een ‘gedwongen winkelnering’. Zowel Bartholomeus als Rietveld gebruiken deze term om toe te lichten dat ze bij het optuigen van succesvolle projecten altijd zullen blijven uitkijken naar andere partners. Rietveld: ‘We sluiten nooit iemand uit en werken graag breed samen, bijvoorbeeld ook met ingenieursbureaus, bedrijven en overheid. Waar het uiteindelijk om gaat is dat we gezamenlijke onderzoeksprojecten van de grond krijgen. Ik zou tevreden zijn wanneer we met deze samenwerking een goede basis neerleggen voor nieuwe technologieën en nieuwe mensen opleiden die praktijkgericht onderzoek doen naar oplossingen voor de uitdagingen waar we voor staan. Daarbij moeten we nog wel wat hobbels nemen, zoals het creatief omgaan met de verschillen tussen financieringsstructuren waar KWR en TU Delft mee te maken hebben. Maar waar een wil is, is een weg.’ Bartholomeus zoekt de succesfactoren ook in het neerzetten van wat hij het ‘grote verhaal’ noemt. ‘Wetenschappers moeten verder durven kijken dan hun specifieke onderzoek. Ze moeten de maatschappelijke kaders kunnen duiden waarbinnen zij opereren. Met dit samenwerkingsverband zie ik het als een gemeenschappelijke opgave voor KWR en TU Delft om hier invulling aan te geven. Mijn ambitie is dat we elkaar op een natuurlijke wijze weten te vinden. Dat we de hele lijn van fundamenteel wetenschappelijk onderzoek naar praktijktoepassing stevig neerzetten. Zo kunnen we een inspirerend voorbeeld zijn voor de manier waarop je als kennisinstituut en universiteit kunt samenwerken aan maatschappelijke opgaven.’

Bent u ook geïnspireerd door dit verhaal over de kracht van samenwerken? Neem dan contact op en onderzoek de mogelijkheden voor uw organisatie om aan te haken bij KWR en TU Delft in de kennisontwikkeling en -valorisatie voor het oplossen van urgente watervraagstukken.

delen