Nieuws

Nieuws

Opening Project SmartRoof 2.0

Innovatief blauw-groen dak koelt de stad en voorkomt wateroverlast

Op vrijdag 8 september is op het Marineterrein in Amsterdam het innovatieve, blauw-groene dak SmartRoof 2.0 geopend. Het hete, bitumen dak van gebouw ‘002’ is omgevormd tot een verkoelende, groene oase in het hart van de stad. Op dit dak wordt de komende twee jaar uniek wetenschappelijk onderzoek gedaan naar het koelend effect van verdamping en het tegengaan van het stedelijk hitte-eiland-effect. Ook kan het dak intense regenbuien opvangen en daarmee wateroverlast voorkomen. Nu het klimaat verandert, kunnen dit belangrijke maatregelen zijn om de stad leefbaar te houden.

Onderzoek voor de stad: gebruik het dak!

SmartRoof 2.0 is aangelegd om de verdamping en daarmee het verkoelende effect van blauw-groene daken wetenschappelijk te onderzoeken en te verbeteren. Daarnaast bestuderen de onderzoekers of het mogelijk is een groot aantal inheemse plantensoorten te laten groeien op een dun, lichtgewicht substraat. In een drainage-laag wordt regenwater opgevangen, dat via een slim, capillair systeem terug gaat naar de wortels van de planten. Op deze manier verdampt de meerderheid van het regenwater en wordt overbelasting van het riool en wateroverlast in de straten voorkomen. De onderzoekers houden via sensoren de waterhuishouding en beplanting zorgvuldig in de gaten. De verdamping wordt direct gemeten met een weegsysteem dat is ingebouwd in het dak, een wereldprimeur. Dit levert een schat aan informatie op. Er valt namelijk veel te winnen op de daken van Amsterdam: naast recreatieve toepassingen kunnen de daken veel nuttige functies vervullen voor stad en inwoners.

Internationale samenwerking

SmartRoof 2.0 is een belangrijk, internationaal onderzoeksdak. Het project is een samenwerkingsverband tussen Drain Products Europe, Aedes Real Estate, KWR, Gemeente Amsterdam, Waterschap Amstel & Gooi en Vecht, Waternet en Bureau Marineterrein Amsterdam. Het gaat om een tweejarig onderzoeksproject (2017-2018), mede gefinancierd uit de toeslag voor Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s) van het ministerie van Economische Zaken.