Blog

De watertransitie in beweging: lessen van de beleidsmiddag

Beleidsmiddag als afsluiting van het ‘Kennisdossier Watertransitie en drinkwater’

Het Kennisdossier bracht waterprofessionals, onderzoekers en beleidsmakers samen rond de uitdagingen van de watertransitie. Met factsheets, leergroepen en een beleidsmiddag zijn verschillende oplossingsrichtingen voor een toekomstbestendig watersysteem verkend en besproken. Tijdens de afsluitende beleidsmiddag stond niet alleen het delen van kennis centraal, maar vooral de vraag: wat kunnen we morgen al anders doen – en met wie?

Op 22 juni kwamen beleidsmakers, onderzoekers en drinkwaterprofessionals samen om de toekomst van ons watersysteem te bespreken. De aanleiding: de inzichten uit het Kennisdossier Watertransitie en drinkwater. Hiervoor is de middag opgedeeld in drie delen: eerst is de rol van strategiebepaling besproken in een keynote, vervolgens zijn de overwegingen rondom handelen besproken aan de hand van de Vlaamse inzet op regenwatergebruik en tot slot is er in een werksessie vooruit gekeken tot 2050.

Een gezamenlijk verhaal als fundament

De middag begon met een keynote van Kim Coates (vanuit rol als oud-strateeg bij Oasen) en Wilfred Appelman (IenW) en Klaasjan Raat (KWR) over de rol van de drinkwatersector in de watertransitie. Hun centrale boodschap: echte verandering begint bij een gedeeld verhaal. 

Deze behoefte is door de waterbedrijven opgepakt door een gezamenlijke sectorvisie op te stellen. Vervolgens is er samen met het ministerie van IenW een scenariostudie geïnitieerd om grip te krijgen op de uitdagingen tot 2100 en strategische hoofdlijnen te bepalen. Deze trajecten vormen o.a. input voor het Nationaal Waterprogramma, waarin drinkwater integraal is opgenomen. 

Klaasjan Raat liet vervolgens zien hoe de watertransitie gepaard gaat met een verschuiving in denken: van de waterketen, naar het watersysteem.  Een systemisch perspectief maakt niet alleen de uitdagingen scherper zichtbaar, maar ook de oplossingen. Hierin werd het watersysteemherstel als belangrijk uitgangspunt voor de watertransitie benadrukt.

Presentatie ‘Drinkwater en de watertransitie’ door o.a. Kim Coates (voorheen Oasen).

Een voorbeeld uit Vlaanderen: Aan de slag met regenwater

Wat zet aan tot handelen in de watertransitie? Die vraag stond centraal in het panelgesprek onder leiding van Henk-Jan van Alphen, met Tico Michels (Brabant Water), Carl Heyrman (Aqua Flanders) en Christophe Claeys (VVSG).

Christophe Claeys en Carl Heyrman schetsten hierin hoe de Vlaamse inzet op regenwaterhergebruik door individuele huishoudens tot stand is gekomen. Zij illustreren hoe de invoer van de verplichting voor regenwaterhergebruik in Vlaanderen voortkwam uit een maatschappelijke overtuiging (“zonde om hoogwaardig drinkwater weg te spoelen door de wc” en ”laagwaardig water voor laagwaardige toepassingen is duurzamer”), en de zoektocht naar ruimte om water vast te houden en uit het riool te houden (“regenwaterput als gratis ruimte voor buffering” en ”belangrijke stap in deladder van lansink van het regenwater“). Ondanks dat er ook verbeteringen mogelijk zijn bij het huidige regenwatersysteem (collectieve opvangsystemen zijn wellicht goedkoper en duurzamer dan individuele opvang), stellen zij dat Vlamingen mede hierdoor wel minder kraanwater gebruiken en bewust omgaan met water (kraanwatergebruik ligt op ca. 80 liter p.p.p.d.). 

In aanvulling op de Vlaamse casus lichte Tico Michels toe wat voor Brabant Water de overwegingen zijn om mee te doen in projecten rondom regenwateropvang, bijvoorbeeld binnen een nieuwbouwproject in Den Bosch. Hij stelt dat het een manier is voor waterbedrijven om hun expertise rondom o.a. het distribueren en zuiveren van water in te zetten in maatschappelijke veranderingen, maar dat zij ook kritisch kijken naar de manieren waarop dit wenselijk en realiseerbaar is. Wat betekent het bijvoorbeeld voor de verantwoordelijkheden die drinkwaterbedrijven hebben achter de meter? 

Tot slot wijst het panel op de institutionalisering van een dergelijke maatregel: in Vlaanderen is er een gereguleerd keuringsregime voor ingebruikname van (hemel) waterinstallaties. Ook in Nederland kan er worden nagedacht wat de rol van waterbedrijven hierin kan zijn.

Henk-Jan van Alphen (KWR), Christophe Claeys (VVSG), Carl Heyrman (Aqua Flanders) en Tico Michels (Brabant Water) (v.l.n.r.) in gesprek tijdens de beleidsmiddag.

Dilemma’s in actie

In het laatste deel van de middag gingen deelnemers onder leiding van Nicolien van Aalderen en Noor van Dooren (KWR) aan de slag met concrete oplossingsrichtingen. Deze waren eerder uitgewerkt in vier leergroepbijeenkomsten als onderdeel van het Kennisdossier. 

De centrale vraag: in hoeverre kunnen we de watertransitie realiseren binnen de huidige context? Met context bedoelen we beleid, wet- en regelgeving, maar ook normen, waarden en de manier waarop we naar water kijken. In vier groepen spraken de deelnemers over de beoogde verandering van in de watertransitie en hoe en wanneer deze ‘context’ eventueel zou moeten veranderen. Hierbij werd vooruitgekeken tot 2050. 

  • Samenwerking in de waterketen  

Hoe verdelen we verantwoordelijkheden anders? Er werden suggesties gedaan voor vergaande samenwerkingsverbanden in de waterketen, maar ook voor fundamentelere vragen — zoals het heroverwegen van het aandeelhouderschap van drinkwaterbedrijven. Nu zijn gemeenten en provincies aandeelhouders. Zou dit anders kunnen? Met meer betrokkenheid, of uitbreiding naar waterschappen? 

  • Drinkwater in het landschap 

Hier stond een integrale benadering van water centraal — niet alleen drinkwater. Ruimtelijke ordeningsinstrumenten zoals de Wet Inrichting Landelijk Gebied (WILG) werden genoemd als middel om drinkwater beter in het landschap te verankeren. 

  • Regenwaterhergebruik 

De context is al in beweging: marktpartijen nemen steeds vaker de regie bij de realisatie van regenwaterinstallaties. Vooruitkijkend naar 2050 verwachten deelnemers een discussie over de rol van waterbedrijven. Worden zij leveranciers van meerdere watersoorten, niet alleen drinkwater? 

  • Bedrijfsoverstijgende samenwerking 

In deze groep kwam industriewater aan bod. Een toekomstbeeld: in 2050 leveren drinkwaterbedrijven geen drinkwater meer aan industrie. Door koppeling van leidingnetten kan industriewater gedeeld worden tussen bedrijven. De regievraag bleef open — het kan bij waterbedrijven liggen, maar mogelijk staat er een andere partij op. 

In subgroepen worden tijdens de werksessie verschillende oplossingsrichtingen besproken.

Belangrijkste inzichten

Tijdens de middag werden drie belangrijke handelingsperspectieven geschetst: 

  1. Bepaal waar je de regie wilt voeren. Waterbedrijven kunnen hun expertise inzetten voor onderdelen van de transitie die nu buiten de kerntaken vallen, maar dat vraagt om bewuste keuzes. 
  2. Begrijp hoe de context verandering beïnvloedt. Wet- en regelgeving, maar ook normen en waarden bepalen wat mogelijk is. Verandering kan binnen de context ontstaan, mits je inzet op kansen die richting geven aan herontwerp, zonder problematische structuren te bestendigen. 
  3. Experimenteer. De opgaven zijn bekend. Er is een gedeelde behoefte om al lerend te doen en gezamenlijk aan de slag te gaan. 

De watertransitie vraagt om grote veranderingen. Maar deze middag liet ook zien: er is binnen de huidige context al veel mogelijk. De vraag is niet óf we in beweging komen, maar hoe snel — en met wie. 

 

Lees hier meer over de opzet van het Kennisdossier Watertransitie en drinkwater en de factsheets.

delen