Nieuws

Nieuws

Samen innovaties in putontwerp en –management realiseren

Betere putten voor waterwinning en bodemenergie

Een workshop met 18 bedrijven en kennisorganisaties boog zich over de belangrijkste belemmeringen bij de aanleg van de putten voor waterwinning en opslag van zoetwater en energie in de bodem. De belangrijkste problemen zijn het verkrijgen van werkwater dat nodig is voor de aanleg van putten en het lozen van het gebruikte water op oppervlaktewater of riool. Beter wetenschappelijk inzicht en innovatieve technologieën zijn nodig om kwalitatief hoogwaardige putten aan te blijven leggen. KWR gaat samen met partners een gezamenlijk onderzoeksprogramma opzetten.

Ambities

De ondergrond wordt steeds vaker en voor steeds meer doelen ingezet, zoals opslag van zoet water en energie en waterwinning. Er zijn veel nieuwe putten nodig om de Nederlandse ambities op het gebied van duurzame energie en zoetwatervoorziening waar te maken. Wet- en regelgeving en een gebrek aan technische innovaties kunnen belemmerend werken voor de aanleg van putten. KWR organiseerde een workshop om samen met bedrijven te bespreken hoe we deze belemmeringen kunnen aanpakken. Op 16 juni kwamen 30? deelnemers van 18 verschillende organisaties – bedrijven en onderzoeksinstellingen – bij elkaar bij KWR. De workshop was een vervolg op het druk bezochte afscheidssymposium van Kees van Beek in maart.

Lozen boorwater wordt problematisch

De belangrijkste bottle-neck bij de aanleg van putten is momenteel de beperkte mogelijkheid om het water dat vrijkomt bij het boorproces te lozen op riool of oppervlaktewater. Volgens Martin van der Schans (KWR) komt bij de aanleg van goede (=niet-verstoppende) putten veel water vrij. Door aanscherping van waterkwaliteitseisen is het steeds lastiger om een vergunning te krijgen voor het lozen van (grond)water, met name in de kustgebieden in West-Nederland met zout grondwater. Een tweede belemmering is de beschikbaarheid van voldoende schoon werkwater om verantwoord te kunnen boren. Deze belemmeringen kunnen een rem zetten op de groei van bodemenergiesystemen en systemen van ondergrondse waterberging of zorgen voor een verplaatsing van het probleem, doordat extra onderhoud en lozingen nodig zijn in de gebruiksfase. Van der Schans schetst een aantal oplossingsrichtingen om de hoeveelheid lozingswater te beperken zonder concessies te doen aan de kwaliteit van bronnen. Andere deskundigen lichtten deze oplosmogelijkheden vervolgens toe. Benno Drijver (IF) stelt voor om onnodig lang schoonpompen te beperken door normen voor lozing te differentiëren naar verschillende gebieden. Stef van Harlingen (VHGM) komt met een idee om het probleem bij de bron aan te pakken door al bij de aanleg te voorkomen dat een put verstopt. Wil van den Heuvel (Installect) en Ton Timmermans (TerraTech) stellen voor om het ontwerp fundamenteel te herzien middels bovengrondse testopstelling. Niels Hartog (KWR) oppert de mogelijkheid om water al in de ondergrond te zuiveren en zo met name te ontdoen van ijzer en verkleuring.

Gezamenlijk onderzoeksprogramma in voorbereiding

Tijdens het tweede deel van de workshop werden de genoemde oplossingsrichtingen gezamenlijk verder aangescherpt. Alle deelnemers zien het grote belang van verdergaande innovaties in putmanagement, zowel technisch als beleidsmatig. Zij willen daarom graag bijdragen aan verder onderzoek. KWR zal hierin de lead nemen door een gezamenlijk onderzoeksprogramma uit te werken via drie lijnen:

  • op korte termijn verbeteringen in putontwerp en –aanleg realiseren door differentiatie van ontwerpnormen en oplevercriteria voor verschillende gebieden en typen ondergrond;
  • nieuwe boortechnieken ontwikkelen om al tijdens aanleg te voorkomen dat een put verstopt, gecombineerd met chemicaliën om de put sneller te ontwikkelen;
  • een meer fundamentele aanpak voor de wat langere termijn: een bovengrondse testopstelling ontwikkelen waarmee processen in en rondom putten wetenschappelijk kunnen worden onderzocht. De verwachting is beter wetenschappelijk inzicht leidt tot verdere doorbraken en innovaties in putontwerp, -aanleg en –exploitatie, die zullen bijdragen aan een beter gebruik en beheer van de ondergrond voor opslag van (zoet) water en energie.